American Dream

In 1998 woonde ik met mijn gezin in Cambridge, Massachusetts. Teneinde ons American Dream gevoel te bevorderen schaften wij ons een auto aan. Bij de keuze ging het in dit geval vooral om het uiterlijk, dus kwamen we uit bij een Buick Park Avenue uit de begin jaren tachtig. Of eerlijk gezegd, kwam ik daarbij uit, mijn echtgenote zat er iets pragmatischer in. Het was een prachtige donkergroene slee, die geen stoelen had maar fauteuils en zelfs voor Amerikaanse begrippen aan de maat was. Qua prestaties was hij Amerika’s antwoord op de oliecrisis: benzinegebruik van 1 op 3. Wat kon het schelen, met een benzineprijs van een dollar per gallon.

In de aanschaf was hij niet duur geweest, maar uiteraard was hij wel op leeftijd. Het was dan ook ingecalculeerd dat het niet lang zou duren voordat ik de eerste extra kosten had aan kleine reparaties. Het kon mijn humeur niet bederven en onze Buick bracht ons naar de mall en naar de Cape, Amerikaanser konden we ons niet voelen. Lang duurde de pret echter niet. Na twee weken kondigde zich al serieus onheil aan, rook onder de motorkap. Op naar een garage.

Een gewiekst handelaar ben ik nooit geweest, en inmiddels zat de vrees erin dat ik me weer eens had laten neppen. Verstand van motoren had ik ook al niet, dus de afhankelijkheid van de garagehouder was groot. Maar menselijke relaties, daar heb ik dus wel in doorgeleerd. In de hoop dat een goede relatie met de garagehouder ertoe zou leiden dat hij me niet het vel over de oren zou halen, knoopte ik een praatje aan. Een gelukje, bleek al snel. Hij had Nederlandse roots. Zijn ouders waren na de oorlog geëmigreerd en in de Mid-West terecht gekomen. Hij was een echte Amerikaan geworden, sprak geen woord Nederlands, was er ook nooit geweest. Zijn ouders praatten ook nooit over hun vaderland en zijn naam klonk niet Nederlands maar klonk me eerder Frans of Arabisch in de oren: Moussad. Ik vertelde hem dat ik die achternaam niet eerder tegen was gekomen in Nederland. Dat klopte, zijn ouders hadden hun achternaam veranderd na de emigratie uit Nederland. “I am not sure how to pronounce this, but it used to be spelled like this”. Waarna hij me een papiertje voorhield waarop hij zojuist  ‘Mussert’  had geschreven. Op zijn verzoek leerde ik hem de Nederlandse uitspraak van deze naam. Klonk goed. “Why they changed their name when they arrived here 50 years ago, I have no idea”. Het is mijn vak om dingen uit te leggen en ik doe het ook graag. Indachtig de offerte die hij voor me zou maken beet ik dit keer op mijn tong en had ook ik geen idee.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *